Gedurende de afgelopen decennia heeft de Noordamerikaanse zonnebaars zich in Nederland sterk uitgebreid. In een verscheidenheid van wateren, variërend van beken tot poelen en vennen gaat de soort domineren en richt daar door predatie op inheemse soorten grote ecologische schade aan. In deze studie is onderzocht wat geschikte methoden zijn om de soort te beheren. Bij de ontwikkeling van maatregelen is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van natuurlijke processen en omstandigheden die in het veld de aantallen van de soort kunnen reguleren. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen stromende en stilstaande wateren. De populatiedichtheid, groei, voortplanting en overleving van zonnebaars werd in het veld bestudeerd om inzicht te krijgen in sturende processen.

OBN-onderzoek Zonnebaars – Mogelijkheden voor bestrijding van een uitheemse invasieve vis.

Species differ in their life cycle, habitat demands and dispersal capacity. Consequently different species or species groups may respond differently to restoration measures. To evaluate effects of restoration measures in raised bog remnants on aquatic microinvertebrates, species assemblages of Rotifera and microcrustaceans were sampled in 10 rewetted and 10 non-rewetted sites, situated in 7 Dutch raised bog remnants.

Effects of rewetting measures in Dutch raised bog remnants on assemblages of aquatic Rotifera and microcrustaceans.

Verzuring, verdroging en vermesting hebben grote gevolgen voor de bewoners van het Nederlandse landschap. Vele soorten planten en dieren worden hierdoor in hun voortbestaan bedreigd, terwijl enkele andere soorten zich sterk hebben kunnen uitbreiden. Deze aantastingen leiden op een reeks van schaalniveaus tot knelpunten voor dieren. Om soorten te behoeden voor uitsterven worden in het kader van het Overlevingsplan Bos en Natuur (OBN) herstel- en beheersmaatregelen uitgevoerd. Voor succesvol herstel is kennis noodzakelijk over de relatie tussen fauna en omgeving alsmede hoe aantastingen en herstelmaatregelen op deze relatieaangrijpen. Deze kennis ontbreekt nog grotendeels. Om de periode van kennisontwikkeling te overbruggen, zijn vuistregels opgesteld. Deze vuistregels geven randvoorwaarden voor de wijze van uitvoering van maatregelen met betrekking tot schaal, intensiteit, tijdstip en frequentie. Uitvoering volgens deze vuistregels levert naar verwachting een sterk verbeterd resultaat ten opzichte van de huidige praktijk.

Schaal en intensiteit van herstelmaatregelen: hoe reageert de fauna?

Dit rapport heeft tot doel zowel de kansen als de bedreigingen van verbrakking voor het natuur- en waterbeheer in het laagveen- en zeekleilandschap in kaart te brengen. Bijvoorbeeld wat de effecten van verbrakking zijn op de kwaliteit van de voorkomende habitattypen. Met deze informatie kunnen de verschillende beleids- en beheeropties voldoende onderbouwd en afgewogen worden bij het nemen van beslissingen rond dit thema.

Verbrakking in het laagveen- en zeekleilandschap. Van bedreiging naar kans?

Brent goose colonies around snowy owl nests have been studied near Medusa Bay (73 ° 21 ‘ N, 80 ° 32 ‘ E) and in the lower reaches of the Uboinaya River (73 ° 37 ‘ N, 82 ° 10 ‘ E), the northwestern Taimyr Peninsula, from 1999 to 2006. All brent nests within 680 m from an owl nest have been regarded as an individual colony. The results show that the area of the colony is always larger than the protected area around the owl nest. In years of low abundance of lemmings, brent geese nest generally closer to the owl nest than in years of high abundance. When arctic foxes are abundant, however, brent geese nest significantly closer to owls than when the foxes are scarce, irrespective of lemming abundance. The mechanism of brent colony formation around owl nests is based on a number of stimuli.

Brent goose colonies near snowy owls: Internest distances in relation to abundance of lemmings and arctic foxes.